| 1. | Wij erkenden dat wij machteloos stonden tegenover de alcohol - dat ons leven stuurloos was geworden. | |
| 2. | We kwamen ertoe te geloven dat een Macht groter dan wijzelf ons weer geestelijk gezond kon maken. | |
| 3. | Wij besloten onze wil en ons leven over te geven in de hoede van God, zoals ieder van ons Hem persoonlijk aanvaardt. | |
| 4. | We maakten een diepgaande en onbevreesde morele balans op van ons leven. | |
| 5. | Wij bekenden tegenover God, tegenover ons zelf en tegenover een ander mens de juiste aard van onze misstappen. | |
| 6. | We waren volkomen bereid om God al onze karakterfouten te laten wegnemen. | |
| 7. | Wij vroegen Hem nederig onze tekortkomingen weg te nemen. | |
| 8. | Wij maakten een lijst met de namen van allen die door ons schade en leed hadden ondervonden en verklaarden ons bereid om dit bij hen allen goed te maken. | |
| 9. | Wij hebben waar het mogelijk was dit rechtstreeks weer bij zulke mensen goedgemaakt, behalve wanneer dit hen of anderen zou kwetsen. | |
| 10. | We maakten er een gewoonte van onszelf te onderzoeken en erkenden direct de fouten die we hadden gemaakt. | |
| 11. | Wij trachtten door gebed en overdenking ons contact met God, hoe ook ieder van ons Hem persoonlijk aanvaardt, te verdiepen, en baden Hem enkel ons Zijn wil te doen kennen en om de kracht die te volbrengen. | |
| 12. | Nu deze Stappen ons tot geestelijke bewustwording hebben geleid, hebben wij geprobeerd deze boodschap aan alcoholisten door te geven en deze principes bij al ons doen en laten na te streven. |